Ahimsa: beeld en werkelijkheid

Er loopt in de boeddhistische gemeenschap een rode lijn rond het begrip vrede. Als je daar een voet buiten zet, dan komt je dit op een hoop kritiek te staan

‘Pacifistische stereotypering’ wordt dit genoemd in een van de twee boeken die ik pijlsnel heb aangeschaft over boeddhisme, oorlog en geweld, bovenop Brian Victoria’s boek Zen at War, dat ik al had. Dit nadat mijn vorige artikel, over mogelijke deelname van Nederland aan de strijd tegen IS in Syrië en Irak, in het Boeddhistisch Dagblad meer dan negentig reacties teweegbracht (mijn antwoorden inbegrepen).

Ahimsa, geweldloosheid, is hét wezenskenmerk van boeddhisme, geloven moderne aanhangers ervan, evenals de rest van de wereld. Deze normatieve reflex klopt echter niet met de historische praktijk.

Boeddhisme heeft een even ongemakkelijke geschiedenis met geweld als de andere grote wereldreligies. Bij gewapende conflicten hebben boeddhisten zich alleen in uitzonderingssituaties onderscheiden door een pacifistische opstelling. Om vervolgens een makkelijke prooi te zijn voor hun tegenstanders. Maar in de overgrote meerderheid van de gevallen hebben boeddhisten de wapenen gewoon opgenomen.

Soms, in sommige landen waren boeddhistische monniken uitgezonderd van de krijgsdienst. Maar moest er oorlog worden gevoerd, dan meldden zij zich ook aan als vrijwilliger. En soms waren ze niet uitgezonderd, of werd hun vrijstelling onder de druk der omstandigheden opgeheven. Dan werden monniken militair. Ik heb gezocht naar voorbeelden van dienstweigering op grond van boeddhisme, maar deze kun je in 2.500 jaar op de vingers van één hand tellen.

Eigenlijk dacht ik dat rekkelijkheid over geweld een zonde was die vooral zen aankleefde in de Tweede Wereldoorlog. Niets is minder waar. Het is een boeddhisme-brede problematiek. Theravada, Mahayana, Tibetaans: het leven was altijd sterker dan de leer.

Er werd soms wel gediscussieerd over de vraag of geweld al dan niet was toegelaten. Maar altijd werden er uitvluchten gevonden. Het boeddhisme werd naar behoefte bijgebogen. Ambiguïteit in teksten werd benut, er verschenen sutrateksten waarin gebruik van geweld tot de heilige plicht van boeddhisten werd verklaard. Een bodhisattva moet soms wel even moorden, het doel heiligt de middelen.

Ik schrik me eerlijk gezegd te pletter over de omvang van het probleem. Ook over Mahayana, mijn familiekring binnen de boeddhistische wereld. Sinds de parabel van het brandende huis in de Lotus Sutra is, te beginnen met de theorie van het vaardig middel, het hele potentieel aan rekkelijkheid binnen Mahayana gebruikt voor legitimatie van geweld. Bij leegte hoort helaas iets van normloosheid. Je gaat je bijna schamen dat je bij deze club hoort, hoewel ook alle anderen in hetzelfde schuitje zitten.

De reageerders die vinden dat de inhoud van mijn artikel over de bodhisattva van het bouwen en breken de lieve vrede verstoort en niet thuishoort in een boeddhistisch dagblad, antwoord ik als volgt: ken uw boeddhisme, het is zacht als boter en smeert lekker mee alle kanten op. De historische kwetsbaarheid van boeddhisme voor geweldslegitimatie maakt juist dat iemand de kat de bel moet aanbinden en bewustzijn creëert over de aard van de problematiek.

Waarmee niet gezegd is dat het een verstandig idee is wanneer het Nederlandse kabinet F16’s naar Syrië zou sturen, zoals ik nu mijn artikel
opperde. Gehoord hebbend de beraadslaging van de reageerders botst Taigu-de-burger hier inmiddels met Taigu-de-boeddhist en Taigu-de-Hisamatsu-aanhanger. Alles wat er door reageerders te berde is gebracht over het belang van de vredesimperatief, geeft wel te denken. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Wat is wijsheid?

Eén algemene opmerking nog. Een bijzonder probleem van boeddhisme is dat het zich, van Gautama tot Dogen, beroept op een ethiek die is uitgewerkt voor de spirituele ontwikkeling van vrijgestelde monniken. Voor de rest van de achterban geldt de leer mutatis mutandis, maar wat als in dat mutatis mutandis nu net het probleem schuilt? Wat als de vertaalslag weerbarstiger blijkt dan alle Dalai Lama’s en Thich Nhat Hanh’s, alle Bob Thurman’s en Joseph Goldstein’s zich altijd hebben wijsgemaakt, en vele volgelingen in hun voetspoor hebben geloofd?

Ik ben nog niet uitgelezen. Zoals altijd volg ik ieder spoor dat mij wordt aangereikt. Ik bekijk links naar Youtube-filmpjes, beluister geluidsbestanden en lees artikelen en transcripten. Sommige boeken moeten nog arriveren in de bibliotheek. Dit is dus een tussenstand.

Boeddhisten, Taigu incluis, zullen er een hele kluif aan hebben zich te verstaan met de kloof tussen ideaal en werkelijkheid. Ook Hisamatsu, hoe scherp en invoelbaar zijn zenbenadering voor mij mag zijn, heeft vandaag opeens een afdronk van idealisme dat op zijn werkelijkheidsgehalte moet worden getoetst. Zen als kern van een nieuwe wereldreligie, met dit boeddhisme? Nee, grote twijfel bevangt de grote dwaas weer eens.

Namu Amida Butsu,

Taigu


Bronnen:
– M. Jerryson & M. Juergensmeyer (eds.), Buddhist Warfare, Oxford University Press, 2010.
– V. Tikhonov & T. Brekke (eds.), Buddhism and Violence. Militarism and Buddhism in Modern Asia, Routledge Studies in Religion, vol. 16, 2013.
– B. Victoria, Zen at War, Rowman & Littlefield Publishers, 2nd ed., 2006.

2 gedachten over “Ahimsa: beeld en werkelijkheid”

Reageren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s